BasisBijbel

Richters 2:1-7 BasisBijbel (BB)

1. Toen kwam de Engel van de Heer van Gilgal naar Bochim. Hij zei: "Ik heb jullie uit Egypte bevrijd. Ik heb jullie in het land gebracht dat Ik aan jullie voorvaders [ Abraham, Izaäk en Jakob ] had beloofd. Ik heb gezegd: 'Ik zal Mij voor eeuwig houden aan mijn verbond met jullie.

2. En wat jullie betreft: jullie mogen geen enkel verbond sluiten met de bewoners van dit land. En jullie moeten al hun altaren afbreken.' Waarom hebben jullie niet gedaan wat Ik gezegd heb?

3. Want Ik heb jullie ook gezegd: 'Als jullie Mij niet gehoorzamen, zal Ik hen niet voor jullie wegjagen. Jullie zullen last van hen hebben, als van dorens in je huid. En door hun goden zal het slecht met jullie aflopen.' "

4. Toen de Engel van de Heer dit tegen de Israëlieten gezegd had, begonnen ze luid te huilen.

5. Daarom noemden ze die plaats Bochim [ (= 'plaats van gehuil') ]. En ze brachten daar offers aan de Heer.

6. Toen Jozua nog leefde, had hij het volk laten vertrekken om hun eigen gebied te veroveren.

7. Het volk diende de Heer zolang Jozua leefde. Na zijn dood bleven ze ook nog een poos de Heer dienen. Maar alleen zolang er nog andere leiders leefden die zelf hadden gezien wat voor geweldige dingen de Heer voor Israël had gedaan.